zondag 18 februari 2018

De Laatste Tijden (2)

Uit: Maria Valtorta, de Geschriften 1943, blz. 175
Uitg. St. Maria Valtorta
22 juli 1943
De geschriften van Maria Valtorta zijn privé-openbaringen en zijn niet volledig door de Kerk erkend

Jezus zegt:
“Laten we doorgaan met de vergelijking tussen het verleden en het heden, dat in het eeuwige Zijn van God een eeuwig heden is, en vandaag zal Ik je laten kijken naar wat je hart het meest nabij is.
Ik verloochen de vaderlandsliefde niet. Ik, de eeuwige Zoon van God, Mens geworden, heb een vaderland gehad en heb het bemind met een volmaakte liefde. Mijn aardse vaderland heb Ik bemind en Ik zou het de bescherming van God waardig hebben willen weten, en omdat Ik het daarentegen onwaardig wist, heb Ik erover geweend (Luc. 19:41-44). Ik begrijp daarom het verdriet van een loyaal hart, dat het vaderland niet alleen in gevaar ziet, maar veroordeeld tot dagen vol lijden, in vergelijking waarmee de dood een geschenk is.
Maar zeg Mij, Maria, kunnen jullie zeggen dat Ik dit land (Italië) niet heb bemind, dat jullie vaderland is en waarnaar Ik Mijn Petrus heb gezonden om de Rots op te richten, die niet zou instorten door het blazen van de winden, dit land waar Ik, op een moment van menselijke aarzeling, ben gekomen om Petrus te bevestigen voor het martelaarschap, omdat dat bloed in Rome nodig was om van Rome het centrum van het Katholicisme te maken?
Kunnen jullie zeggen dat Ik dit land niet heb bemind, waarin Mijn belijders in scharen zijn gevallen als aren van een eeuwig graan, gemaaid door een Eeuwige Maaier, om hen tot voedsel te maken voor jullie geest?
Kunnen jullie zeggen dat Ik dit land niet heb bemind, waar Ik de relikwieën heb gebracht van Mijn leven en Mijn dood: het huis van Nazareth, waar Ik werd ontvangen in een omhelzing van lichtende gloed tussen de Goddelijke Geest en de Maagd, en de Lijkwade waar het zweet van Mijn Dood de tekening heeft afgedrukt van Mijn lijden, geleden voor de mensheid?
Kunnen jullie zeggen dat ik dit land niet heb bemind, waar de grootste heiligen hebben gebloeid, zij die aan Mij gelijk waren door het geschenk van de Wonden, zij die, geholpen door Mij, werken hebben geschapen die in de eeuwen het wonder van het brood en de vis herhalen, vermenigvuldigd voor de noden van de mens?
Kunnen jullie zeggen dat Ik dit land niet heb bemind, dat Ik zoveel genieën heb geschonken, zoveel overwinningen, zoveel glorie, zoveel schoonheid aan hemel, aarde, zee, bloemen, bergen en bossen?
Kunnen jullie zeggen dat Ik dit land niet heb bemind, waar Ik jullie hulp gegeven heb om vrij en verenigd te worden? In de oorlogen tegen vijanden die tienmaal groter waren dan jullie, in dwaze ondernemingen, in menselijk oordeel, was Ik met Mijn engelen onder jullie scharen. Ik was het Die de aanvoerders verlichtte, de soldaten beschermde, het verraad telkens verijdelde, Die jullie overwinning en vrede heb geschonken. Ik was het Die jullie de vreugde schonk van de verovering, als dat geen werk van aanmatiging was maar een werk van beschaving kon zijn, of van bevrijding van jullie landen van vreemde overheersing.
Kunnen jullie zeggen dat Ik jullie niet de noodzakelijkste vrede heb toegestaan: die van Mijn Kerk, die jullie vaderen hadden beledigd, en die heeft vergeven, opdat Italië werkelijk één en groot kon worden?
En ben Ik niet gekomen om jullie water te geven voor de dorstige oogsten, zon voor de natte akkers en gezondheid bij epidemieën?
En heb Ik niet de Stem gegeven die in Mijn Naam spreekt, die eerst tot jullie spreekt, vóór de anderen, omdat ook in Mijn Vicaris, Universele Herder, vaderlandsliefde is, en Mijn Vicarissen sinds eeuwen Italianen zijn geweest? Uit het hart van Italië verspreidt zich de Stem over de hele wereld en jullie ontvangen er de eerste golf van, ook de lichtste.
En wat heeft dat alles gebaat?
Jullie hebben aan je plicht verzaakt. Jullie hebben geloofd dat alles geoorloofd was, omdat jullie de dwaze gedachte koesterden God tot je dienst te hebben. Jullie hebben gedacht dat Mijn Gerechtigheid borg zou staan voor jullie zonden, voor jullie aanmatigingen, jullie afgoderij. Hoe meer God goed en lankmoedig was, des te meer hebben jullie ervan geprofiteerd. Jullie hebben systematisch het Goede afgewezen en het Kwade omhelsd en er een cultus van gemaakt.
En dan? Waarover beklagen jullie je?
Is misschien niet 'de gruwel van de verwoesting' (Dan. 9,27; 11'31; 12'11; Mt. 24,15; Mc. 13,14) amper buiten de zetel van Petrus? Dringt die niet met zijn stinkende golven van ondeugd, wellust, bedrog, afgoderij van de zinnen, van de onrechtmatige rijkdommen, van de geroofde en buitgemaakte macht, zelfs door tot bij de treden van de leerstoel van Petrus? En wat willen jullie nog meer weten?
Leest met aandacht de woorden van Johannes en vraagt niet om meer te weten.
Met God wordt niet gespot en God wordt niet op de proef gesteld, kinderen. En jullie hebben Hem zozeer op de proef gesteld, en doen dat nog steeds. In het binnenste van jullie zielen, van jullie verstand, van jullie lichamen, binnen jullie huizen, binnen jullie instellingen, overal stellen jullie Hem op de proef en bespotten jullie Hem.
Mijn engelen bedekken hun gelaat om jullie koehandel met Satan en zijn voorgangers niet te zien. Maar Ik zie het en Ik zeg: Genoeg!
Als Jeruzalem gestraft werd om haar misdaden, zal dan het tweede Jeruzalem niet worden gestraft, dat na twintig eeuwen Christendom nieuwe goden verheft op de leugenachtige altaren, opgedrongen door meesters die nog meer getekend zijn met het teken van het Beest dan jullie in Italië, en dat denkt Christus te kunnen bedriegen met een leugenachtige onderworpenheid aan Zijn Kruis en aan Zijn Kerk, alleen voorgedragen uit geraffineerde schijnheiligheid, die onder de glimlach en de buiging het zwaard van de sluipmoordenaar verbergt?
Ja. jullie volbrengen ook de laatste misdaad. Jullie vervolgen Mij in Mijn Pausen en in Mijn ware gelovigen. Maar doet het openlijk en snel. Ik zal even snel handelen. (Drie dagen later viel Mussolini, en vijftig dagen later was het Vaticaan omringd door de Duitsers).
Het is pijnlijk zo te spreken, en te spreken tot de minder schuldigen. Maar Ik vind in de anderen geen oor dat Mij hoort. Ze vallen en zullen vallen terwijl ze Mij vervloeken. Als ze tenminste, tenminste onder de zweep van de gesel, in de doodsstrijd die hart en vaderland benauwt, zich zouden weten te bekeren, zouden vragen om medelijden.
Maar ze zullen het niet doen. En er zal geen medelijden zijn. Het volle medelijden, dat Ik jullie zou willen geven. Het zijn er te weinig die het verdienen, in vergelijking met de grote menigte die zich ieder uur meer onwaardig betoont. Als de goeden een tiende zouden vormen van de slechten, zou hetgeen getekend is veranderd kunnen worden. In plaats daarvan volgt de gerechtigheid haar loop. Jullie zijn degenen die haar noodzaken haar loop te volgen.
Maar als er geen gezamenlijk medelijden meer zal zijn, er zal individuele gerechtigheid zijn. Zij die zichzelf kastijden uit liefde voor het vaderland en de broeders, zullen met onmetelijke liefde worden geoordeeld. De anderen met gestrengheid. Voor de meest schuldigen zou het beter zijn als ze nooit waren geboren. Geen enkele druppel bloed, uit de aderen van de nederigen geperst, geen enkel gekreun, geen rouw, geen wanhoop geperst uit een hart, geen van God geroofde ziel, zal zonder gewicht blijven in het oordeel.
Ik zal de nederigen vergeven, die kunnen wanhopen door de schrik om de gebeurtenissen. Maar Ik zal niet vergeven aan hen die tot wanhoop hebben gebracht, in gehoorzaamheid aan de wil van het Beest.”

zaterdag 17 februari 2018

De Duitse bisschoppen moeten hun voorzitter afzetten

Door: Mathias von Gersdorff

Het Duitse progressisme heeft zich waarschijnlijk in de Oudejaarsnacht voorgenomen om de gelovigen in een permanente staat van verbijstering te brengen: op de eerste  plaats zet zich bisschop Franz-Josef Bode (Osnabrück) in voor het zegenen van homoseksuele relaties. Dan volgt de brief van kardinaal Marx als voorzitter van de Bisschoppenconferentie waarin hij het werk van Donum Vitae (die vrijbrieven voor abortus uitdeelt) prijst. Tenslotte verdedigt de kardinaal in een radio-interview het zegenen van homoseksuele paren “in afzonderlijke gevallen”.

Niets schijnt het Duitse progressisme nog heilig te zijn. De gelovigen moeten blijkbaar in de permanente verwachting  van nieuwe aanvallen op de kerkelijke geloofs- en zedenleer leven.

Maar niet alleen deze voorstellen zijn zorgwekkend maar ook het totale stilzwijgen van het Duitse episcopaat.

Al bij de eerste stellingname van Bode zouden meerdere bisschoppen geprotesteerd moeten hebben. Mogelijkerwijs meenden zij dat de inzet van Bode voor de homoseksuelen alleen maar een nieuwe poging was zich bij de links-liberale pers geliefd te maken. Al lang probeert bisschop Bode met het bewust doorbreken van bepaalde taboes op de voorpagina’s te komen.

Maar de actie van kardinaal Marx ten gunste van de homo-agenda heeft de emmer doen overlopen!

De katholieke Kerk in Duitsland schandaliseert de gelovigen in heel de wereld met haar voortdurende aanvallen tegen het geloof en de overgeleverde leer. Deze onuitstaanbare beledigingen moeten eindelijk ophouden.

De enige verstandige reactie van de Duitse bisschoppen kan slechts zijn: het afzetten van kardinaal Reinhard Marx als voorzitter van de Duitse Bisschoppenconferentie!

Op die manier zou de katholieke Kerk in Duitsland eindelijk een teken stellen, dat hier te lande het katholieke geloof en het katholieke leergezag nog waarde heeft en dat men die niet voortdurend met de voeten treden kan.

Duitsland, eens een land dat overal missionarissen heen gestuurd heeft, is tot een permanente haard van aanvallen op het katholieke geloof geworden.

De bisschoppen moeten de wereldkerk laten zien, dat het katholieke geloof in Duitsland gewaardeerd wordt. Met het afzetten van kardinaal Reinhard Marx in de komende voorjaarsvergadering in Ingolstadt (19 tot 22 februari 2018) zou daarmee een eerste stap gezet zijn.

maandag 12 februari 2018

Onwaardige carnavalsmis in Eindhoven

‘Hallo allemaal, wat fijn dat je er bent.’ Zo begroette pastoor-deken René Wilmink zondag de bezoekers van de carnavalsmis in de Sint-Catharinakerk in Eindhoven. ‘Goed dat je hier bent midden in de stad. Huis van gebed van Lampegat’, zong de priester.
Aangepast n.a.v. commentaar van de pastoor:
Naar mijn idee past dit niet bij de heiligheid van de kerk als huis Gods, vraag me ook af of carnavalsvierders een pastoor daarna nog serieus nemen. Wel goed dat het tijdens een gebedsviering was en niet tijdens een H. Mis.

zondag 11 februari 2018

De Laatste Tijden (1)

Uit: Maria Valtorta, de Geschriften 1943 blz. 172
uitg. St. Maria Valtorta
De geschriften van Maria Valtorta zijn privé-openbaringen en zijn niet volledig door de Kerk erkend

Jezus zegt:
“Ik heb je al verteld, dat wat in de oude boeken is gezegd naar het heden verwijst. Het is alsof een serie spiegels een schouwspel herhaalt, dat lang geleden is gezien en dat nu steeds dichterbij brengt.
De wereld herhaalt zichzelf in haar dwalingen en in haar inkeer, met dit verschil dat de dwalingen steeds meer geperfectioneerd zijn in de evolutie van het ras naar de zogenaamde beschaving, terwijl de daden van inkeer steeds embryonaler zijn geworden. Waarom? Omdat met het overgaan van de wereld van haar jeugdige leeftijd naar de meer rijpe leeftijd, de ondeugd en de hoogmoed van de wereld zijn toegenomen.
Nu zijn jullie op het hoogtepunt van de leeftijd van de wereld en hebben jullie ook het hoogtepunt bereikt van de ondeugd en de hoogmoed.
Denkt daarom niet dat jullie nog even lang hebben te leven als jullie hebben geleefd. Jullie zijn aan de top, en dat zou moeten betekenen dat jullie nog even lang te leven hebben. Maar zo zal het niet zijn. De neergaande parabool van de wereld naar het einde zal niet zo lang zijn als de opgaande. Naar het einde toe zal het een instorten zijn. De boosaardigheid en de hoogmoed zullen jullie neer doen storten. Twee gewichten, die jullie meeslepen in de afgrond van het einde, naar het verschrikkelijke oordeel. Hoogmoed en ondeugd zullen jullie meeslepen in de neergaande parabool en jullie geest zodanig afstompen, dat jullie steeds minder in staat zijn de afdaling tot staan te brengen door oprecht berouw en inkeer.
Maar als jullie zo zijn doorgegaan: achteruit in het Goede, halsoverkop naar het Kwade – Ik, de Eeuwige, ben standvastig gebleven in Mijn nauwkeurige maatstaf van Goed en Kwaad. Sinds de dag dat het licht er was, en daarmee de wereld begon, is door de Geest Die niet dwaalt vastgesteld wat Goed en wat Kwaad is. En menselijke kracht, de klein menselijke kracht, kan de eeuwige codex niet veranderen en verbrokkelen, die door de Vinger van God is geschreven op onschendbare bladzijden, die niet van deze aarde zijn.
De enige verandering, vanaf het ogenblik waarin Mijn Wil de wereld en de mens heeft geschapen, bestaat hierin: dat jullie je eerst moesten steunen en jezelf leiden aan de hand van de tafels van de Wet en naar de woorden van de profeten; later hadden jullie Mij, Woord en Verlosser, om jullie de Wet uit te leggen, om jullie Mijn onderricht te geven, Mijn Bloed, om jullie door Mijn komst de Geest te brengen, Die geen schaduwen achterlaat, om jullie vervolgens door de eeuwen heen te ondersteunen door de Sacramenten en de sacramentaliën.
Maar wat hebben jullie van Mijn komst gemaakt? Een nieuw gewicht aan schuld, die jullie zullen moeten verantwoorden.
Zullen we samen kijken naar de oude bladzijden, waarin de verklaringen te vinden zijn van het huidige uur (1943)? Jullie hebben ze aangevoeld als een prikstok, maar Ik zal ze jullie beter laten zien.
Wat is er beloofd aan wie de Wet onderhoudt? Voorspoed, overvloed, vrede, macht, gezonde en overvloedige nakomelingen, triomf over je vijanden, aangezien de Heer zou zijn op het scherp van het zwaard van Zijn dienaren, tegen hen die de hand zouden willen verheffen tegen de kinderen van de Allerhoogste. Wat bedreigt degene die haar overtreedt? Honger, schaarste, oorlogen, nederlagen, epidemieën, verlatenheid van de kant van God, onderdrukking door de vijanden, door wie de vroeger kinderen van de Allerhoogste gelijk zullen worden aan vervolgde en verschrikte kudden, bestemd voor de slachting (Lev. 26; Deut. 7:11-16; 11:26-28, 28).
Jullie klagen over het uur dat jullie beleven. Maar vinden jullie het onrechtvaardig? Lijkt de gestrengheid ervan te hard? Nee. Het is rechtvaardig en minder hard dan jullie verdienen.
Ik heb jullie telkens weer gered op duizenden manieren, Ik heb jullie vergeven en weer vergeven voor zevenduizend en nog eens zevenduizend  misdaden. Ik ben speciaal gekomen om jullie Leven en Licht te geven. Ik, het Licht van de wereld, ben gekomen in jullie duisternis, om jullie het Woord en het Licht te brengen. Ik heb niet meer gesproken temidden van stormen en vuur door de mond van de profeten. Nee. Ik ben gekomen, Ik persoonlijk. Ik heb Mijn brood met jullie gebroken, Ik heb Mijn legerstede met jullie gedeeld, Ik heb met jullie gezweet in de vermoeienissen, Ik heb Mijzelf verteerd in het evangeliseren, Ik ben voor jullie gestorven, Ik heb door Mijn Woord alle twijfels aan de Wet verdreven, Ik heb door Mijn verrijzenis alle twijfel aan Mijn Natuur weggenomen, Ik heb Jullie Mijzelf nagelaten, opdat het jullie geestelijk voedsel zou zijn, geschikt om jullie het Leven te geven, en jullie hebben Mij de dood gegeven.
Ik heb jullie het Woord, de Liefde en het Bloed van God gegeven, en jullie hebben je oren gesloten voor het Woord, jullie ziel voor de Liefde, en jullie hebben Mijn Bloed vervloekt.
Het oude Tabernakel, waarin twee stenen tafels waren, beschreven door een vinger van een profeet, en een beetje manna, heb Ik vervangen door het nieuwe Tabernakel waarin het ware Brood uit de Hemel is neergedaald, en Mijn Hart waarin het Verbond van de Liefde staat geschreven, dat jullie, niet Ik, verbreken.
Jullie kunnen niet meer zeggen: 'We weten niet hoe God is'. Ik heb Vlees aangenomen, opdat jullie een Vlees zouden hebben om te beminnen, daar het niet voldoende was voor jullie logheid om een Geest te beminnen.
Welnu? Wat hebben jullie gedaan? Wat hebben jullie steeds meer gedaan? Jullie hebben God de rug toegekeerd, Zijn altaar, Zijn Persoon. Jullie hebben God niet gewild, de Drie-Ene God, de Ware God.
Jullie hebben goden gewild. En jullie huidige goden zijn schandelijker dan de oude goden of de fetisjen van de afgodendienaren. Ja, dan de fetisjen van de afgodendienaren. In hen ligt nog het respect voor het beeld van God, zoals hun mentaliteit en onwetendheid het weten te bedenken. En in waarheid, in waarheid zeg Ik jullie, dat de natuurlijke afgodendienaren veel minder streng zullen worden geoordeeld dan jullie, afgodendienaren van de ondeugd, verkocht aan de ergste afgodendienst: de zelfverafgoding.
Ja, jullie hebben voor jezelf goden van vlees geschapen, van corrupt vlees, en voor die goden hebben jullie hosanna weten te zingen en het hoofd weten te buigen, wat jullie niet deden voor God. Jullie hebben Zijn Wet veracht, verloochend, bespot en gebroken, en jullie hebben als slaven en als door de temmer getemde dieren weten te accepteren en gehoorzamen aan de leugenachtige wet, die arme mensen jullie hebben gegeven die nog meer verdwaald zijn dan jullie, en wier lot zodanig is dat het heel de hemel doet sidderen van afschuw.
Afgodendienaren, afgodendienaren, heidenen, verkocht aan het vlees, aan het geld, aan de macht, aan Satan die de meester is van die drie noodlottige rijken, van het vlees, van het geld en van de macht.
Maar waarom, waarom, o Mijn volk, zijn jullie het Rijk dat Ik jullie had gegeven uitgegaan? Waarom zijn jullie je Koning van Volmaaktheid en Liefde ontvlucht en hebben jullie de voorkeur gegeven aan de ketenen en de barbaarsheid van het rijk van Satan en de Vorst van het Kwaad en van de Dood? Is dit de manier waarop jullie de Allerhoogste, Die een Vader en Redder voor jullie is, belonen? En zijn jullie verbaasd als er vuur ontspringt aan de aarde en als er vuur regent uit de hemel om het onbeschaamde ras te verassen, dat God heeft verloochend en Satan en diens dienaren heeft verwelkomd?
Nee, Satan hoeft niet te werken, zich niet in te spannen om jullie te verslinden! Ik moet moeite doen om te proberen jullie nog aan te trekken, want ook al hebben jullie je oorsprong verloochend, Ik ben niet vergeten dat Ik jullie Vader en Redder ben. Tot het laatste uur waarin jullie worden verzameld voor de onverbiddelijke selectie, verloochen Ik Mijn ongelukkige kinderen niet en probeer Ik ze nog te redden.
Deze straf, o Maria, deze straf (2e W.O.) is niet onverdiend. Ze is rechtvaardig. Ze is ernstig, omdat jullie zonden zeer ernstig zijn. Maar ze is niet gegeven uit slechtheid van een God Die geheel en al goedheid is. Jullie God zou Zichzelf geven om het jullie te besparen, als Hij wist dat het jullie zou baten. Maar Hij moet, moet toelaten dat jullie jezelf straffen voor jullie waanzin, voor jullie handel met het Beest.

Duizenden en tienduizenden zullen verloren gaan in elke hoek van de aarde. Maar iemand zal, in de doodsstrijd die jullie wurgt, de Stem van God horen weerklinken en zijn gelaat opheffen naar het Licht. Die iemand, die terugkeert, zal de gesel rechtvaardigen, want – het weten en bedenken welke verplichting jullie hebben het Licht te bewaren – de prijs en de waarde van een ziel is zodanig, dat de schatten van de aarde niet voldoende zijn om een ziel te kopen. Het Bloed van een God is daarvoor nodig. Het Mijne.”

zaterdag 10 februari 2018

De geest van verzet en liefde voor de Kerk















door Roberto de Mattei
7 februari 2018

Nu de vijfde verjaardag van de keuze van paus Franciscus dichterbij komt, horen we vaak zeggen, dat we ons op een dramatisch ogenblik in de kerkgeschiedenis bevinden zoals we dat absoluut nog nooit hebben meegemaakt. Dat is slechts ten dele waar. De Kerk heeft voortdurend tragische uren gekend waarin haar mystieke lichaam gewond werd, vanaf haar ontstaan op Golgotha tot in onze dagen. De jongeren generaties weten het niet en de  oude generaties zijn vergeten hoe verschrikkelijk de jaren waren na het Tweede Vaticaans Concilie waaruit het huidige tijdsgewricht voortkomt.

Vijftig jaar geleden, toen de revolutie van 1968 uitbarstte, probeerde een groep kardinalen en bisschoppen, vooraanstaande deelnemers aan het Concilie, een radicale verandering van de katholieke huwelijksleer door te drukken. De poging mislukte, omdat Paulus VI met de encycliek Humanae Vitae van 25 juli 1968 het verbod van kunstmatige voorbehoedsmiddelen bekrachtigde, en daarmee op nieuw kracht en hoop gaf aan de gedesoriënteerde kudde. Paulus VI, de paus van Humanae Vitae, was echter ook degene die een diepe breuk met de katholieke traditie veroorzaakte toen hij in 1969 de nieuwe misritus invoerde, die aan de oorsprong ligt van de hedendaagse liturgische verwoestingen.

Dezelfde paus Paulus VI bevorderde de Ostpolitik toen hij op 18 november 1973 de zware verantwoordelijkheid op zich laadde om Joszef kardinaal Mindszenty, de kampioen van het katholieke verzet tegen het communisme, van zijn functie als aartsbisschop van Esztergom en primaat van Hongarije te ontheffen.

Paus Montini hoopt in Italië op de realisering van een historisch compromis door een overeenkomst tussen de voorzitter van de christendemocraten, Aldo Moro, en de voorzitter van de communistische partij, Enrico Berlinguer. De operatie liep alleen door de ontvoering van en de moord op Moro op niets uit waarop op 6 augustus 1978 ook de dood van paus Montini volgde. Het is dit jaar de veertigste verjaardag van dit gebeuren.

In deze jaren van bloed en verraad weerklonken moedige stemmen die we niet alleen vanwege de historische betekenis in herinnering roepen maar ook omdat ze ons helpen richting te vinden in de duisternis van de tijd waarin we ons nu bevinden.  We herinneren ons twee stemmen die zich verheven hebben nog vóór het kwam tot de zogenaamde kwestie Lefebvre, de Franse bisschop wiens “profetische missie in een buitengewoon donkere tijd van algemene crisis in de Kerk” door Mgr. Athanasius Schneider wordt benadrukt in een interview dat hij onlangs gegeven heeft.

De eerste stem is die van de Franse dominicaanse theoloog pater Roger-Thomas Calmel die vanaf 1969 de Novus Ordo van Paulus VI had afgewezen en in juni 1971 in het tijdschrift Itinéraires schreef:

“ons christelijk verzet als priester of leek  - een droevig verzet, omdat het ons dwingt zelfs nee te zeggen tegen de paus in zake het modernistische fenomeen van de katholieke Mis. Ons respectvol maar onbuigzaam verzet komt voort uit het principe van volledige trouw aan de levende Kerk van alle tijden; of, met andere woorden, uit het principe van de levende trouw aan de ontwikkeling van de Kerk. Wij hebben er nooit aan gedacht om datgene tegen te werken of nog minder te verhinderen wat sommigen in ter zake erg dubbelzinnige woorden “voortgang” in de Kerk noemen; wij zouden het liever de homogene groei noemen op het terrein van de leer en de liturgie in lijn met de traditie met het oog op de “consummatio sanctorum”. (….)

Zoals onze Heer in parabels heeft geopenbaard en zoals St.-Paulus ons leert in zijn brieven, geloven wij dat de Kerk in de loop van de eeuwen groeit en zich dwars door alle tegenslagen heen harmonieus ontwikkelt tot aan de glorievolle wederkomst van Jezus zelf, haar Bruidegom en onze Heer. Omdat wij ervan overtuigd zijn dat er in de loop van de eeuwen een groei in de Kerk plaats vindt en omdat wij beslist en voor zover het van ons afhangt zo eerlijk mogelijk, willen delen in deze mysterievolle en ononderbroken beweging, verwerpen wij deze zogenaamde vooruitgang die zich beroept op Vaticanum II maar in feite een dodelijke afwijking ervan is. Wij beroepen ons op de klassieke distinctie van de H. Vincentius van Lérins: hoe meer wij een goede groei wensen – een schitterende “profectus”, des te meer verwerpen wij onbuigzaam een schadelijke “pennutatio” en welke radicale en schandelijke verandering dan ook; radicaal omdat de verandering voortkomt uit het modernisme en alle geloof loochent; schandelijk omdat de modernistische geloofsontkenning stiekem en verdekt geschiedt.”

De tweede stem is die van een Braziliaanse denker en activist, Plinio Corrêa de Oliveira, de auteur van een brochure waarin hij zich verzette tegen de Ostpolitik van het Vaticaan en die op 10 april 1974 verscheen onder de naam van Traditie, Gezin en Eigendom (TFP) met de titel: Vaticaanse politiek van ontspanning tegenover communistische regeringen. Voor TFP: je niet inmengen of verzet bieden?

Plinio Corrêa de Oliveira legde uit: “Weerstand bieden betekent dat wij de katholieken zouden aanraden door te gaan om met alle legitieme middelen te vechten tegen de communistische doctrine ter verdediging van je land en van de christelijke beschaving die bedreigd wordt.” En hij voegt eraan toe: “De regels van deze verklaring zouden niet toereikend zijn om alle kerkvaders, kerkleraren, moralisten en canonisten op te sommen – van wie velen zalig of heilig verklaard zijn – die de wettigheid van dit verzet steunen. Een verzet dat geen afscheiding is, geen opstand, geen verbittering, geen gebrek aan respect. Integendeel: het is trouw, eenheid, liefde en onderdanigheid. “Verzet” is het woord dat wij hebben gekozen omdat het door St.-Paulus zelf wordt gebruikt om zijn positie te beschrijven. Omdat de eerste paus, de H. Petrus, disciplinaire maatregelen had genomen om in het katholieke geloof praktijken te behouden die uit de oude Synagoge voortkwamen, zag St.-Paulus een groot risico dat er leerstellige verwarring zou ontstaan en nadeel voor de gelovigen. Daarom stond hij op en “weerstond” de heilige Petrus “in zijn gezicht”. Deze zag in deze energieke en geïnspireerde actie geen daad van rebellie van de kant van de apostel van de heidenen, maar een daad van eenheid en broederlijke liefde. Bovendien wist hij heel goed wanneer hij onfeilbaar was en wanneer niet, en hij bezweek voor de argumenten van St.-Paulus. De heiligen zijn model-katholieken. Zoals Paulus zich verzette, zo willen wij ons verzetten. Daarin vindt ons geweten vrede”.

“Verzet” is niet alleen een geloofsbelijdenis in woorden maar ook een daad van liefde jegens de Kerk die tot praktische consequenties leidt. Zij die zich verzetten, scheiden zich af van hen die de verdeeldheid in de Kerk hebben veroorzaakt; zij bekritiseren hen openlijk en corrigeren hen. Op deze manier hebben zij zich geuit in de Correctio filialis aan paus Franciscus en verscheen de brochure van de pro=life beweging onder de titel ”Trouw aan de ware leer, niet aan de herders die dwalen.”

Nu ligt in dezelfde lijn de positie van kardinaal Zen die niet akkoord gaat met de nieuwe Ostpolitik van paus Franciscus tegenover China. Aan degenen die bezwaar maken – en dat is noodzakelijk – tegen “de poging een gemeenschappelijk grond te vinden om de decennia-lange kloof tussen het Vaticaan en China te overbruggen, antwoordt kardinaal Zen: “Maar kan je ooit iets “gemeenschappelijks” hebben met een totalitair regime? Of je geeft je over of je aanvaardt vervolging maar blijf trouw aan jezelf (kun je je een overeenkomst voorstellen tussen St.-Jozef en Herodes?)”. Aan hen die hem vragen of hij ervan overtuigd is dat het Vaticaan dat het Vaticaan de katholieke Kerk in China versjachert, zegt hij: “Ja, ongetwijfeld. Als zij de richting vervolgen, die zij heel duidelijk de laatste maanden en jaren zijn opgegaan.”

Op 7 april is er een conferentie aangekondigd, die door velen nog wordt genegeerd maar die als onderwerp heeft de huidige crisis in de Kerk. De deelname van enkele kardinalen en bisschoppen en vooral kardinaal Zen geeft de grote betekenis van deze conferentie aan. Wij moeten bidden dat vanuit deze vergadering een stem zal klinken, die vol liefde is voor de Kerk en een ferm verzet tegen alle theologische, morele en liturgische ontsporingen van het huidige pontificaat, zonder de illusie te koesteren dat de oplossing zou liggen in het suggereren van de ongeldigheid van het terugtreden van Benedictus XVI of de keuze van paus Franciscus. Je toevlucht zoeken in een canoniek probleem betekent dat je wegloopt van het leerstellige probleem dat aan de wortel ligt van de crisis die we meemaken.

vertaling: C. Mennen pr

maandag 29 januari 2018

De behandeling van de zaak Ploumen is een aanfluiting voor het persbureau van de Heilige Stoel

Wanneer krijgen we een Vaticaan dat gerund wordt door volwasenen?

Door Steve Skojec van LifeSite News 16 januari 2018

De laatste paar dagen hebben wij bericht over een verhaal dat er in slaagde, ondanks de schandaalmoeheid in de katholieke wereld, de gelovigen te schokken en te verontrusten. Het verhaal is reeds uitgebreid verteld. Het is voldoende te zeggen dat Lilianne Ploumen – een fanatieke Nederlandse pro-abortus politicus, die haar zaak zo toegewijd was dat zij in 6 maanden $ 300 miljoen bijeenbracht voor “family planning” en abortus over heel de wereld – niettemin de onderscheiding in de orde van de H. Gregorius de Grote van het Vaticaan ontving. Deze onderscheiding wordt beschreven als “bij voorkeur toegekend om iemands bijzondere verdiensten tegenover de Kerk te erkennen”. Bovendien is het een pauselijke onderscheiding, die natuurlijk tenminste impliceert dat de paus de toekenning ervan goedkeurt (zelfs al lijkt de functionele toekenning ervan via het Staatsecretariaat te gaan).
Ploumen nu gaf na de ontvangst tegenover de media er hoog over op dat ze de onderscheiding van het Vaticaan gekregen had, zelfs al was zij er vrij zeker van dat zij weet hadden van haar inspanningen om abortus te promoten. Ze prees de paus omdat hij zo progressief was om dit te doen. Ze zei dat ze het zag als een bevestiging van haar werk.
Het Vaticaan bewaarde ondertussen een onverstoorbaar stilzwijgen over de hele zaak, totdat het, na gezamenlijke druk van de mededelingen van het Lepanto-instituut en OnePeterFive (en andere publicatiekanalen die het verhaal overnamen) gedwongen werd een korte verklaring uit te geven. Over deze verklaring zal ik zo dadelijk iets meer zeggen. Ik zou eerst de aandacht willen vestigen op iets dat ik in dezen heel kleingeestig vind, niet professioneel en ronduit kinderachtig. (Jammer genoeg echter, niet helemaal verbazingwekkend.)

Afgelopen zaterdagavond, een dag na ons eerste verslag van de kwestie, schreef ik naar Greg Burke, de Amerikaan die nu de directeur van het persbureau van de Heilige Stoel is. Ik schreef:

Beste Greg,
Dit verhaal is om duidelijke redenen controversieel. Wij zouden graag een verklaring van het Vaticaan ontvangen of de paus wist dat zij een onderscheiding kreeg en waarom. En als ze deze niet van het Vaticaan kreeg maar via anderen was aangevraagd, dan is dat eveneens fijn om te weten. Wij willen graag een verhaal publiceren om delen ervan te corrigeren als wij het fout hebben. Het is vreselijk te moeten denken dat een vrouw met de duidelijke pro-abortuspapieren een pauselijke onderscheiding zou ontvangen.

Tamelijk rechtdoorzee toch? Een mogelijkheid om de lucht te klaren. Om de informatie te geven aan het publiek dat er zich het meest druk over maakte, over wat werkelijk gebeurd was. Om te laten zien dat tenminste in dit geval het Vaticaan de goede partij was. Maar ik ontving geen antwoord. Welnu, ik weet zeker dat de mensen in het Vaticaan ons hier lezen en dat ze ze zeker geen fans van onze kritiek zijn. Maar ik heb eerder al contact gehad met Greg als hij vroeg om een verhaal te corrigeren. Dus het is niet zo dat hij  geen korte reactie geeft als de situatie erom vraagt. Echter niet in dit geval. Niets. En dan gisteren toen ik ’s avonds thuis kwam van een bezoek aan vrienden, zag ik een splinternieuw verhaal van de National Catholic Register (die naar mijn weten tot gisteravond niets met het verhaal had gedaan). Ze zeiden dat het Vaticaan een verklaring had uitgegeven:

“De onderscheiding van de pauselijke orde van de H. Gregorius de Grote, die mevr. Lilianne Ploumen, vorige minister van Ontwikkeling, in juni 2017 gedurende het bezoek van de Nederlandse koning aan de heilige vader ontvangen heeft, beantwoordt aan de diplomatieke praktijk om tussen delegaties onderscheidingen uit wisselen bij gelegenheid van officiële bezoeken van staats- of regeringshoofden in het Vaticaan. Daarom is dit op geen enkele wijze een placet (een uitdrukking van instemming) voor de politiek ten gunste van abortus en geboorteregeling die mevr. Ploumen  bevordert.”

Merkwaardig, ik heb mijn e-mail nog een nagekeken om te zien of ik iets gemist had. er was niets. Ik ging naar de website van het persbureau van de Heilige Stoel. Niets. Uiteindelijk stuurde ik een boodschap naar een contact in Rome die mij vertelden dat voor zover zij wisten, de verklaring rechtstreeks was toegestuurd naar de journalisten die interesse hadden getoond in het verhaal en dat ze nergens anders te vinden was.
Dat is raar. Ik ben er vrij zeker van dat mijn e-mail aan Greg Burke en de twee volledige rapporten over de zaak die hier verschenen “interesse in het verhaal” betekenden.

Maar natuurlijk, “shadowbanning” is tegenwoordig een rage en het communicatieapparaat van het Vaticaan – als een soort pestkop op het schoolplein – lijkt mij eenvoudigweg te negeren. Als dat werkelijk het geval is, dan leg ik het uit als een teken dat:
a.  Dat er geen reden was haast te maken om het verhaal met de verklaring bij te werken en
b.  Dat er geen reden is de verklaring te zien als een teken van goede bedoelingen om de weergave te corrigeren, maar een CYA (Cover Your Ass = zoveel zeggen dat niemand je achteraf iets kan maken). Eerlijk, vanuit een PR standpunt is het een vreselijke verklaring. Ze erkent alleen wat wij al hadden meegedeeld, dat Ploumen de onderscheiding gekregen had als lid van een groep – terwijl men daarbij een bloedloos excuus maakt dat het niet datgene betekent waar het naar uit ziet dat het betekent.

Ondertussen geeft de verklaring geen enkele antwoord op een van de volgende vragen:

* Waarom is er geen screening geweest bij de toekenning van de onderscheidingen?
* Waarom werd een 186 jaar oude pauselijke onderscheiding, die ingesteld werd om de hoogste eer te verlenen een hen die de Kerk op een uitstekende wijze hebben gediend, gegeven als een Vaticaanse herinneringssneeuwbal of als een pauspen in een VIP draagtas?
* Waarom was er geen verklaring waarin het Vaticaan zich distantieerde van of zich veroordelend uitsprak over de publieke uitlatingen van Ploumen waarin zij zegt dat haar een “prijs” was toegekend door een Vaticaan dat waarschijnlijk wist wie zij was ter bevestiging van haar werk?
* Waarom was er geen uitdrukking van spijt dat er een onderscheiding gegeven was aan een van de meest effectieve individuele voorvechters van abortus in de hedendaagse wereld?
* Waarom is de onderscheiding niet herroepen?
* Als de onderscheiding niet kon worden herroepen zonder een politieke crisis te veroorzaken, waarom stond er dan niets in de verklaring waarin Ploumen werd aangemoedigd de onderscheiding vrijwillig terug te geven of op zijn minst iets om te proberen te voorkomen dat zij de mensen verder nog valselijk zou laten denken dat de paus haar agenda afzegende.

De verklaring doet, indien we simpel bekijken, slechts twee dingen: zij vertelt de wereld dat de onderscheiding zelf nu zonder betekenis is, niks bijzonders; en het drukt uit dat het Vaticaan er zich echt aan ergert dat die bemoeials er überhaupt vragen over stellen, en hoe ze durven denken dat er een verband zou bestaan tussen echte katholieke waarden en de toekenning van een pauselijke onderscheiding?!
Dat is weer een gebrek aan communicatie van de kant van het Vaticaan dat past in een lange lijn. Ik zou denken dat zij met de miljard euro’s  die zij onder de matrassen hebben verstopt, toch wel een competente staf van professionals zouden kunnen inhuren. Maar ik veronderstel dat ik, totdat zij een paus hebben gevonden die zich als katholiek gedraagt, mijn verwachtingen laag gespannen moet houden.
Ondertussen gingen de gelovigen die het verhaal hebben gehoord van openlijk ongeloof (“Hoe kan zoiets slechts toch mogelijk zijn?”) tot excuses (“De paus kan er niks van geweten hebben!”), tot, na de Vaticaanse verklaring: “Zie je wel? Het was in feite echt niet zo belangrijk!”
Welnu. het was waar; en het is wel belangrijk maar of de paus het wist? Daar moeten we het hier nog kort over hebben. Ik denk dat het bijna onbelangrijk is of hij ervan wist of niet. Hij heeft zich met opzet omringd met corrupte en lafhartige mensen. Zij zijn grotendeels lui, kwaadaardig en egoïstisch – en ze maken er zich eenvoudigweg niet druk om het juiste te doen. Daarom doet het Vaticaan, als zoiets aan het licht komt, in wezen verontwaardigd dat zij überhaupt ter verantwoording worden geroepen in plaats van de gepaste afschuw en zorg te uiten. De houding schijnt te zijn: “wie denk je wel dat JIJ bent om ons vragen te stellen, jij mannetje-van-niks?”
Alleen zo werkt het niet meer en zij hebben geen controle meer over de boodschap. Een dezer dagen zullen ze dat wel in de gaten krijgen. Het niet-antwoorden op e-mails zal mij noch andere katholieke schrijvers ervan weerhouden om dit soort verhalen actief te volgen. Het zal ons echter ertoe brengen te denken dat zij onoprecht zijn. Er bestaat een oude en evidente vuistregel: als je niet wilt dat de mensen denken dat je iets verkeerds doet, doe dan niet alsof je iets te verbergen hebt. Tamelijk basaal.
De paus wordt in deze zaak natuurlijk nergens zichtbaar. Geen aanwijzing van spijt vanuit het pauselijk vliegtuig, waar hij te druk is met grapjes maken met de journalisten, dat hij niet naar een dokter gaat maar naar een heks (Ik verzin het niet). Geen verzekering dat hij ervoor zal zorgen dat het Vaticaan voortaan voorzichtiger te werk gaat. Geen morele verontwaardiging dat een vrouw die $ 300 miljoen voor abortus bij elkaar bracht in zes maanden, claimt dat hij haar werk ondersteunt. Volmaakte radiostilte.
Zelfs als de paus niet actief, onmiskenbaar bijna dagelijks bezig was met de afbraak van het hele corpus van de katholieke morele leer, zou zijn stilte tegenover schandaal na schandaal de gelovigen vertellen dat hij zich volkomen gelukkig voelt met alles wat er gebeurt. Eerlijk, Paus Honorius is voor minder in de ban gedaan. Paus Felix III heeft ons precies verteld wat we van dit soort gedrag moeten denken: “Een dwaling waartegen men zich niet verzet, wordt goedgekeurd; een waarheid die niet wordt verdedigd, wordt onderdrukt… Hij die zich niet verzet tegen een duidelijk misdaad is onderhevig aan de verdenking van stille medeplichtigheid.”

Vertaling: C. Mennen pr

Het Weesgegroet (5)

Uit: Maria Valtorta, De Geschriften 1943, blz. 283
Uitg. St. Maria Valtorta
De geschriften van Maria Valtorta zijn privé-openbaringen en zijn niet volledig door de Kerk erkend


Jezus zegt:
“’Gezegend is de vrucht van uw schoot’.
Het goddelijk en maagdelijk moederschap plaatst Maria op de tweede plaats, na God alleen.
Maar blijft niet stilstaan om alleen naar Maria’s glorie te kijken. Bedenkt wat het Haar gekost heeft om die glorie te bereiken. Wie de Christus bekijkt in het licht van de Verrijzenis en niet nadenkt over de stervende Verlosser in de duisternis van Goede Vrijdag, is een dwaas. Ik zou geen Verrijzenis hebben gehad als Ik niet de dood zou hebben geleden, en Ik zou de Verlossing niet hebben vervuld als Ik het martelaarschap niet zou hebben ondergaan. Wie aan de glorie van Maria denkt en niet mediteert over hoe Zij die glorie bereikte, is een dwaas. De Vrucht van Haar schoot, Ik, de Christus, Woord van God, heeft Haar schoot verscheurd.
En begrijpt Mijn woorden niet verkeerd. Ik heb hem menselijk gesproken niet verscheurd. Zij stond boven de menselijke ellende, op Haar rustte niet de veroordeling van Eva, maaar Zij stond niet boven het Lijden. En het grote, met een hoofdletter geschreven, opperste, absolute Lijden is in Haar binnengedrongen met het geweld van een meteoor, die uit de Hemel neerstortte op het moment zelf waarin Zij de extase ervoer van de omhelzing met de scheppende Geest.
Gelukzaligheid en lijden hebben het hart van Maria aangegrepen in een enkele omknelling op het moment van Haar hoogste ‘fiat’ en van haar meest kuise bruiloft. Gelukzaligheid en lijden smolten ineen in een enkel geheel zodra Zij één geheel werd met God. Geroepen tot een zending van Verlosseres, overtrof het lijden vanaaf het eerste moment de gelukzaligheid. Die kwam bij Haar Tenhemelopneming.
Verenigd met de Geest van Wijsheid, ontving Zij een openbaring in Haar geest over de toekomst die gereserveerd was voor Haar Schepsel, en er was niet langer enige vreugde, in de gebruikelijke zin van het woord, voor Maria
Met elk uur dat verstreek, terwijl Ik werd gevormd, leven scheppend uit haar bloed van maagdelijke Moeder, en verborgen in de diepte, had Ik onuitsprekelijke uitwisselingen van liefde met Mijn Moeder, een liefde en een lijden zonder weerga verhieven zich als golven van een stormachtige zee in het hart van Maria en geselden Haar met hun kracht.
Het hart van Mijn Moeder kende de steek der zwaarden van het lijden vanaf het moment waarin het Licht, het centrum van het Ene en Drie-Ene Vuur verlatend, in Haar binnendrong en de Incarnatie van God en de Verlossing van de mens begonnen; en dat steken groeide, uur na uur, gedurende de heilige zwangerschap: goddelijk Bloed dat werd gevormd met een bron van menselijk bloed, Hart van de Zoon dat klopte op het ritme van het hart van de Moeder, eeuwig Vlees dat werd gevormd met het onbevlekte vlees van de Maagd.
Het lijden was groter op het moment waarin Ik werd geboren om Licht te zijn voor een wereld in duisternis. De gelukzaligheid van de moeder die haar schepsel kust veranderde, in Maria, in de zekerheid van de Martelares die het martelaarschap dichterbij weet.
Gezegend is de vrucht van uw schoot.
Ja. Maar Ik heb aan die schoot, die alle vreugde verdiende, die voor een Adam zonder zonde was bestemd, alle lijden moeten geven. En voor jullie. Voor jullie het lijden Josef te bedroeven. Voor jullie de bevalling in zo uiterlijk armzalige omstandigheden. Voor jullie de profetie van Simeon, die het lemmet in de wonde ronddraaide, en de steek van het zwaard versterkte en verscherpte. Voor jullie de vlucht naar een vreemd land, voor jullie de angsten van een heel leven, voor jullie het vele verdriet Mij evangeliserend vervolgd te weten door de vijandige kasten, voor jullie de schrik van de gevangenneming, de kwelling van de veelvuldige martelingen, de doodsangst om Mijn doodsangst, de dood om Mijn dood.
Ik ben opgevangen op de schoot die Mij had gedragen, met een barmhartigheid die niet groter kon zijn, en Ik zeg jullie in waarheid, dat er geen verschil was van leven en dood tussen Mijn Hart, stilgevallen voor de beweging van het leven en verscheurd door de lanssteek, en dat van de meest Bedroefde die Mij op Haar schoot hield. Het hart van Maria en Haar schoot waren gedood, zoals Ik, de Onschuldige, gedood was.
Voegt aan de wonderen die verbonden waren aan de Verlossing, bekend en onbekend, voor iedereen duidelijk of onthuld aan de bevoorrechten, ook het wonder toe van het in leven blijven van Maria door het werk van de Eeuwige, nadat haar hart werd gebroken door en voor het menselijk geslacht, zoals dat van de Zoon, Haar Jezus.
Jullie, die het lijden niet weten te dragen en het niet willen dragen, weten jullie welk lijden dat van de Gezegende, van de Onbevlekte, van de Heilige is geweest, een verscheurd hart in zich te dragen, dood, verlaten, en een lichaam zonder leven op Haar schoot gelegd te zien, verscheurd, bloedend, lijkkleurig, dat het Lichaam van Haar Zoon is geweest, het Vlees van Haar vlees, het Bloed van Haar bloed, het Leven van Haar leven, de liefde van Haar geest?
Jullie hebben Mij gehad, omdat Maria, drieëndertig jaar vóór Mij, het drinken van de kelk van de bitterheid heeft aanvaard. Op de rand van de beker, die Ik heb gedronken terwijl Ik bloed zweette, heb Ik de smaak van de lippen van Mijn Moeder aangetroffen, en de bitterheid van Haar tranen was vermengd met de gal van Mijn Offer. En, gelooft het, Haar te doen lijden, Haar die het lijden niet verdiende, heeft Mij het meest gekost. Het verlaten zijn door de Vader, het lijden van Mijn Moeder, het verraad van de vriend waarin alle verraad van de toekomst lag, dat waren de wreedste dingen van Mijn wrede kwelling als Verlosser. De lanssteek van Longinus in een al voor lijden ongevoelig orgaan is, daarbij vergeleken, niets.
Ik zou willen dat jullie voor het lijden dat Mijn Moeder verscheurde omwille van jullie, Haar liefde zouden betonen. Grote, allertederste liefde van een kind voor de meest volmaakte van alle moeders, de Moeder die nog niet heeft opgehouden te lijden en hemelse tranen te schreien voor de kinderen van Haar liefde, die het Vaderlijk huis verwerpen en zich tot bewaarders maken van onreine dieren: de ondeugden, liever dan de kinderen van een koning te blijven, kinderen van God.
En als Ik een norm mag geven, weet dan dat Ik, God, Mijzelf niet te min acht om met oneindige en eerbiedige liefde Mijn Moeder te beminnen, van wie Ik de onbevlekte natuur zie, maar wier gemartelde leven als Medeverlosseres Ik Mij ook herinner, zonder welk Ik niet Mens onder de mensen zou zijn geweest en jullie eeuwige Verlosser.”

woensdag 24 januari 2018

Het weesgegroet (4)

Uit: Maria Valtorta, de Geschriften 1943, blz 280
Uitg. St. Maria Valtorta
De geschriften van Maria Valtorta zijn privé-openbaringen en zijn niet volledig door de Kerk erkend

Jezus zegt:
“'Gij zijt de gezegende onder de vrouwen'.
Deze zegening, die jullie slecht of helemaal niet uitspreken tegen Haar die door Haar offer de Verlossing heeft ingezet, weerklinkt onophoudelijk in de Hemel, met oneindige liefde uitgesproken door Onze Drie-Eenheid, met ontvlamde liefde door de door Ons Offer geredden en door de engelenkoren. Heel het Paradijs zegent Maria, meesterwerk van de universele Schepping en van de goddelijke Barmhartigheid.
Al zou ook heel het werk van de Vader om uit het niets de aarde te scheppen alleen hebben gediend om Maria te ontvangen, dan zou het scheppingswerk zijn rechtvaardiging hebben gehad, omdat de volmaaktheid van dat Schepsel zodanig is, dat Zij niet alleen getuigt van de Wijsheid en de Macht, maar ook van de Liefde waarmee God de wereld heeft geschapen.
Daar de aardse schepping slechts Adam voortbracht en het geslacht van Adam, was Maria het getuigenis van de barmhartige superliefde van God voor de mens, want door Maria, Moeder van de Verlosser, heeft God de redding van het menselijk geslacht bewerkt, en Ik ben de Christus omdat Maria Mij heeft ontvangen en aan de wereld heeft geschonken.
Jullie zullen tegen Mij zeggen, dat Ik als God de noodzaak om vlees aan te nemen in de schoot van een vrouw kon overwinnen. Alles kon Ik, dat is waar. Maar bedenkt welke wet van orde en goedheid er ligt in Mijn vernietiging in een sterfelijk omhulsel.
De door de mens gepleegde zonde moest door een mens worden uitgeboet en niet door een niet-vleesgeworden godheid. Hoe zou de Godheid, onlichamelijke Geest, door het offer van Zichzelf de zonden van het vlees hebben kunnen verlossen? Het was dus noodzakelijk dat Ik, God, zou betalen voor de zonden van het vlees en van het bloed, door de kwelling van een onschuldig Vlees en Bloed, geboren uit een onschuldige.
Mijn verstand, Mijn gevoel, Mijn geest zou hebben geleden voor jullie zonden van het verstand, van het gevoel en van de geest. Maar om Verlossing te zijn van alle begeerten, door de Verleider in Adam en in zijn nageslacht ingeënt, moest de voor allen Geofferde begiftigd zijn met een natuur die gelijk was aan die van jullie, waardig gemaakt om aan God te worden gegeven ter loskoping, door de daarin verborgen Godheid, zoals een juweel van oneindige bovennatuurlijke waarde, verborgen onder gewone, natuurlijke gedaante.
God is orde, en God schendt de orde niet en doet haar geen geweld aan, behalve in zeer uitzonderlijke gevallen, nuttig geoordeeld door Zijn Intelligentie. Dat was met Mijn Verlossing niet het geval
Ik moest niet alleen de zonde uitwissen, van het moment waarop ze gebeurde tot het moment van het offer, en in de mensen van de toekomst de effecten van de schuld wegnemen, door ze geboren te laten worden onbewust van het kwaad, zoals Adam vóórdat hij haar beging. Nee. Ik moest door een totaal offer de zonde herstellen en de zonden van heel de mensheid, de al overledenen de absolutie van de zonde geven, aan de levenden in dat uur en in de toekomst het middel geven om hen te helpen weerstand te bieden aan het kwaad en om vergiffenis te krijgen voor het kwaad, waartoe ze door hun zwakheid zouden worden verleid.
Mijn offer moest dus van dien aard zijn dat het alle noodzakelijke vereisten bevatte, en dat kon het alleen zijn in een God Die mens geworden was: een aan God waardig offer, en een middel dat door de mens zou worden begrepen. Bovendien kwam Ik om de Wet te brengen.
Als Mijn Mensheid niet zou hebben bestaan, hoe zouden jullie dan hebben kunnen geloven, jullie, Mijn arme broeders en zusters, die het al moeite kost in Mij te geloven, Die drieëndertig jaar op aarde heb geleefd, Mens onder de mensen? En hoe kon Ik verschijnen, al volwassen, aan vijandige en onwetende volkeren, ze overtuigen van Mijn natuur en van Mijn Leer? Ik zou dan zijn verschenen, in de ogen van de wereld, als een geest die het uiterlijk van de mens had aangenomen, maar niet als een mens die geboren werd en stierf, echt bloed vergoot uit de wonden van een echt vlees – als bewijs mens te zijn – en verrezen en tem Hemel opgestegen met Zijn verheerlijkt Lichaam – als bewijs God te zijn – Die terugkeert naar Zijn eeuwige woning.
Is het voor jullie niet zoeter te denken dat Ik werkelijk jullie Broeder ben, in het lot van schepselen die geboren zijn, leven, lijden en sterven, dan Mij te beschouwen als een geest, superieur aan de eisen van de mensheid?
Het was dus noodzakelijk dat een vrouw Mij zou voortbrengen naar het vlees, na Mij te hebben ontvangen boven het vlees, want uit geen huwelijk van schepselen, hoe heilig ook, kon de God-Mens worden voortgebracht, maar alleen uit een huwelijk tussen de Liefde en de Zuiverheid, tussen de Geest en de Maagd, geschapen zonder smet om de baarmoeder te zijn voor het vlees van een God, de Maagd waaraan God al vol vreugde kon denken nog voordat de tijd bestond, de Maagd waarin wordt gecondenseerd de scheppende Volmaaktheid van de Vader, de vreugde van de Hemel, de redding van de aarde, bloem van de schepping, mooier dan alle bloemen van het Universum, levende Ster, waartegen de door Mijn Vader geschapen zonnen uitgedoofd lijken.

Gezegend de Zuivere, bestemd voor de Heer.
Gezegend de door de Drie-Eenheid Verlangde, die door het verlangen het moment vervroegde van de versmelting met Haar in een omhelzing van drievoudige liefde.
Gezegend de Overwinnares, die de Verleider verpletterde onder de onschuld van Haar onbevlekte natuur.
Gezegend de Maagd die niets anders kende dan kus van de Heer.
Gezegend de Moeder, die dat geworden is door heilige gehoorzaamheid aan de wil van de Allerhoogste.
Gezegend de Martelares, die het martelaarschap aanvaardde uit medelijden met jullie allen.
Gezegend de Verlosseres van de vrouw en de kinderen van de vrouw, die voor Eva goedmaakt en in haar plaats wordt geïnstalleerd om de vrucht van het leven te geven daar waar de Vijand het zaad van de dood heeft gelegd.
Gezegend, gezegend, driemaal gezegend voor uw 'ja', o Mijn Moeder, die het God mogelijk hebt gemaakt de aan Abraham, de patriarchen en de profeten gedane belofte te houden, die troost hebt geschonken aan de Liefde, bedrukt omdat zij bestraffer moest zijn in plaats van redder, die de aarde hebt bevrijd van de haar door Eva aangedane veroordeling.
Gezegend, gezegend, gezegend voor uw heilige nederigheid, voor uw vurige naastenliefde, voor uw onaangetaste maagdelijkheid, voor uw goddelijk, veelvuldig, eeuwig, waar en geestelijk moederschap, Moeder die door uw liefde en door uw lijden voortdurend kinderen voortbrengt voor uw Jezus.
Voortbrengster van genade en redding, voortbrengster van de goddelijke Barmhartigheid, voortbrengster van de universele Kerk, wees gezegend in eeuwigheid voor wat u hebt gedaan, zoals u gezegend was in eeuwigheid voor wat u zou doen.
Heilige, heilige, heilige Priesteres, die het eerste offer hebt gecelebreerd en met een deel van uzelf de Hostie hebt voorbereid om te worden geofferd op het altaar van de wereld.
Mijn heilige, heilige, heilige Moeder, die Mij de Hemel en de schoot van de Vader niet hebt doen betreuren, want in u heb Ik een ander paradijs gevonden niet ongelijk aan dat waarin de Drie-Eenheid haar goddelijke werken verricht; Maria, die de troost bent geweest van uw Zoon op aarde en de vreugde van de Zoon in de Hemel, die de glorie bent van de Vader en de Liefde van de Geest.”

dinsdag 23 januari 2018

Sluipende secularisatie als pastoraal vermomd

Pastoor Mennen

Het is weer enkele jaren geleden dat ik tijdelijk in een parochie administrator was. Daar trof ik het volgende aan. Op een bepaalde zondagmorgen was in de parochie op het kerkplein een dorpsmarkt waarbij velen van het dorp betrokken waren. De vroegere pastoor had het verstandig gevonden de heilige Mis op die dag ten gerieve van de markt geen doorgang te laten vinden. Ik was en ben daar nog tamelijk verbijsterd over. De kerk die het hoogste en belangrijkste waar zij voor staat aan de kant schuift voor zoiets triviaals als een markt. Dat lijkt me Umwertung aller Werte, secularisatie in optima forma door de Kerk zelf.

Het is eveneens al weer enige tijd geleden dat een pastoor van een naburige kerk tegen mij zei: “Op tweede Kerstdag, tweede Paasdag en tweede Pinksterdag hebben wij al jaren geen Mis meer. De mensen komen toch niet.” Daarop heb ik mijn verbazing uitgesproken over het feit dat in parochies toch zo heel verschillende mensen kunnen wonen! Immers in mijn parochie was de Mis op tweede Kerstdag en tweede Paasdag even goed bezocht als de normale zondagse Mis. Tweede Pinksterdag was iets minder maar toch nog alleszins de moeite waard. Zou ook dit geval niet te maken kunnen hebben met een priester die het zelf minder belangrijk vond en daarom die Mis liet vervallen of met een algemene geest in die parochie die mensen ertoe brengt buiten de zondagen de kerk niet te bezoeken zoals dat ook bij protestanten het geval is?

Het is de moeite waard om af en toe eens websites van parochies te bezoeken. Daar kunt je best iets van leren wat betreft de “stand van de Kerk” in Nederland. Dan valt op dat er veel parochies zijn waar geen dagelijkse Mis meer is. Op maandag is Onze Lieve Heer bijna overal met vakantie. Dat zal wel samenhangen met de o zo noodzakelijke wekelijkse vrije dag van de priester. Enfin, dat moet kunnen. Maar de heilige Jozef heeft pech als zijn hoogfeest 19 maart toevallig op een dag valt die “misvrij” is. Dan wordt zijn hoogfeest dat jaar in die parochie niet gevierd. Hetzelfde geldt voor de andere hoogfeesten. Hier blijkt heel duidelijk dat bij de meeste priesters een kerkelijk hoogfeest niet als een heilig gegeven wordt gevierd, als iets wat waarde in zichzelf heeft maar alleen als een toevallig misformulier als er toevallig die dag een Mis gepland is. En voor de gelovigen is de betekenis van het feest verloren gegaan omdat ze er jaren lang niet op gewezen zijn, dat ze 8 december naar de kerk moeten komen, als ze kunnen, omdat het dan het feest van Maria Onbevlekt Ontvangen is. Als dat geen secularisatie is!

Dit jaar was 24 december de vierde zondag van Advent. Dat die dag daags voor Kerstmis viel, maakte hem niet minder zondag. Een zondag, die ook daags voor Kerstmis de eerste en belangrijkste feestdag van de christenen blijft waarvoor de zondagsplicht geldt. De parochies echter waar op die zondagmorgen geen Mis was en de gelovigen hun zondagsplicht niet konden vervullen, zijn ontelbaar. Door velen wordt er louter pragmatisch naar gekeken: op Kerstavond en Kerstmorgen zijn er zoveel Missen dat de priester te veel Missen zou moeten doen. Bovendien komen die mensen niet op zondagmorgen, als ze op kerstavond gaan. Als dit laatste al waar zou zijn, is er vanuit geestelijk oogpunt geen enkele reden om het begaan van die zonde te bevorderen. De Heilige Stoel heeft ook dit jaar desgevraagd gezegd dat de Mis op de Kerstavond de verplichting van de zondag niet kan vervangen. Bovendien blijkt op de plaatsen waar wel een Mis is, het bezoek als normaal te zijn. Het andere argument is geconstrueerd. Op de meeste plaatsen zijn er op de vooravond van Kerstmis veel te veel Missen. De meeste Missen die men op Kerstavond doet kunnen absoluut niet beschouwd worden als nachtmissen, hoewel men gemeenlijk dit formulier gebruikt. Het is zijn allemaal vigiliemissen. Als men de Missen later zet, kan men zeker met minder toe en komen mensen die willen de eerste Kerstdag wel. Al die kerstavondmissen is geen objectief vereiste van liturgie en van de heiligheid van het feest. Een Mis doen op de vierde zondag van Advent is dat wel.

Na enkele jaren waarin de hoogfeesten van Maria Tenhemelopneming en Allerheiligen naar een zondag verschoven werden, hebben de Nederlandse bisschoppen in 1991 besloten deze feesten weer op de dag zelf te vieren. Zij hebben een verplichtend karakter voor wat de deelname aan de Eucharistie betreft maar niet wat betreft afzien van arbeid. Het terugplaatsen naar de dag zelf had te maken met het feit de feesten feitelijk verloren gingen, ook omdat de mensen niet meer wisten wanneer het feest nu gevierd werd. Bij Allerheiligen kwam nog dat Allerzielen dat toch daags na Allerheiligen gevierd moet worden, in veel parochies niet op de maandag na de zondagse viering van Allerheiligen, gehouden werd maar gewoon op 2 november, dat dan soms vóór Allerheiligen viel. Ik was gelukkig met deze beslissing en heb die meteen aan de gelovigen van de parochie bekend gemaakt. In de ochtend van beide feestdagen deed ik een gelezen Mis en ’s avond een zo plechtige mogelijk gezongen Mis. Dat leidde er al spoedig toe dat deze avondmis net zo goed bezocht was als de zondagse hoogmis. Je moet er als priester enige moeite voor doen maar de gelovigen komen wel. Het probleem zijn de priesters. Jaren lang was mijn parochie in de wijde omtrek de enige die de feesten op de juiste dagen vierde. In ben in deze periode nog in twee andere parochies pastoor geweest en heb op alle plaatsen de feesten naar de dag zelf verplaatst.  Ook daar werden ze na verloop van tijd druk bezocht omdat ik de gelovigen nogal nadrukkelijk uitnodigde en de vieringen met de nodige luister omgaf. Om de feitelijke praktijk in veel parochies te illustreren de volgende anekdote. Op de middag van 15 augustus ging ik naar Kevelaer en liep daar een van onze jongere priesters tegen het lijf. Hij vertelde enthousiast dat hij die morgen in de basiliek met een of andere kardinaal had geconcelebreerd. Op mij vraag of hij op deze feestdag niet in zijn parochie moest zijn, begon hij wat te stamelen. Ze hadden maar in één kerk een viering. Is iedereen dan uitgenodigd naar de hoofdkerk te komen? Nee, daar bleek ook geen Mis te zijn. Er was alleen een gelezen Mis in het bejaardenhuis.

Nu zijn de Nederlandse Bisschoppen al weer een hele tijd in discussie over het feit of toch weer niet alles naar de zondag moet. Dat zou betekenen capituleren voor de luiheid en van priesters maar wat nog erger is: de grote feesten hun objectiviteit ontnemen, de heiligheid van 15 augustus en 1 november verdwijnen in een gewone zondag en daarmee op den duur uit de beleving van de mensen.

Het toppunt van deze mentaliteit is wat mij trots een oude priester vertelde die diensten verrichtte in een bejaardenhuis. Op Paasmorgen had hij heel het Triduum in één viering gestopt. Zo hadden de mensen toch fijn Goede Vrijdag, de Paasnacht en de Paasmorgen in één Mis kunnen vieren.

Zo wordt de kerkelijke kalender en heel de liturgie een spel voor mensen in plaats van de goddelijke werkelijkheid die het is en die wij horen te eerbiedigen in plaats van naar onze hand te zetten.

Ik hoop op de wijsheid van onze bisschoppen.

zaterdag 13 januari 2018

Eed van trouw

Trouw aan de ware leer, niet aan de herders die dwalen
Eed van trouw aan de authentieke leer van de Kerk

door leiders van de Pro Life en Pro Family Bewegingen

Het aantal onschuldige kinderen dat de afgelopen eeuw gedood is door abortus is groter dan het aantal mensen dat gestorven is in alle oorlogen in de geschreven geschiedenis. De laatste vijftig jaar hebben we een voortdurende toename gezien van de aanvallen op de structuur van het gezin zoals het door God ontworpen is en door Hem gewild en zoals het het beste milieu biedt voor het gedijen van de mens en met name voor de opvoeding en de vorming van kinderen. Scheiding, contraceptie, acceptatie van homoseksuele handelingen en verbintenissen, en de verspreiding van de “genderideologie” hebben onmetelijke schade toegebracht aan het gezin, en aan zijn meest kwetsbare leden.

De afgelopen vijftig jaar is de Pro Life- en Pro Gezinsbeweging in omvang en betekenis gegroeid om het hoofd te bieden aan de ernstige problemen waardoor het tijdelijke als ook het eeuwige welzijn van de mensheid bedreigd wordt. Onze beweging omvat mannen en vrouwen van goede wil die uit een grote verscheidenheid van religieuze contexten stammen. Wij zijn allen verenigd in de verdediging van het gezin en van de meeste zwakke broeders en zusters door gehoorzaamheid aan het natuurrecht dat in het hart van iedereen ingeprent is (vgl. Rom. 2, 15). Aan de andere kant heeft de Pro Life- en de Pro Gezins- beweging de laatste halve eeuw op een bijzondere manier zijn toevlucht gezocht bij de onveranderlijke leer van de katholieke Kerk, die de morele wet met maximale helderheid bekrachtigt.

Met grote droefheid moeten we daarom de laatste jaren constateren dat de leerstellige en morele helderheid in kwesties, die met de bescherming van het menselijk leven en van het gezin samenhangen, steeds meer vervangen worden door dubbelzinnige leerstellingen of door doctrines die regelrecht in tegenspraak zijn met de leer van Christus en de doelstellingen van het natuurrecht.

Een supplica filialis (kinderlijk smeekschrift) die in september aan paus Franciscus overgereikt werd, werd door ongeveer 900.000 mensen uit de hele wereld ondertekend. In 2016 werd de verklaring van Trouw aan de onveranderlijke leer van de Kerk over het huwelijk gepubliceerd. Op 19 september 2016 hebben vier kardinalen paus Franciscus en de Congregatie voor de Geloofsleer vijf dubia voorgelegd met het verzoek helderheid te verschaffen in enkele leerstellige punten die in het postsynodale apostolische schrijven Amoris Laetitia staan. In juni 2017 hebben de kardinalen hun verzoek om in audiëntie te worden ontvangen openbaar gemaakt, een verzoek dat door kardinaal Caffarra op 25 april 2017 werd gedaan. Evenwel zoals bij de dubia hebben zij daarop geen antwoord ontvangen. Op 23 december 2017 werd door 62 theologen en katholieke academici een Correctio filialisde haeresibus propagatis gepubliceerd. Deze ging over ”verbreiding van ketterijen die door het apostolisch schrijven en andere woorden, handelingen en verzuimen” van paus Franciscus “veroorzaakt zijn”. Op 4 november 2017 hebben theologen priesters, professoren en geleerden van allerlei nationaliteiten door hun handtekening hun steun voor de correctio bezegeld. De verwarring in de Kerk neemt toe, zoals in een schrijven staat dat voor kort door een bekende theoloog aan de paus gericht werd: “Er heerst chaos in uw Kerk, en uwe heiligheid is er de oorzaak van”. 1.

Als katholieke verantwoordelijken actief in Pro Life- en Pro Gezin zijn wij verplicht verder nog te wijzen op talrijke verklaringen en acties die een bijzonder schadelijke uitwerking op onze activiteit ten bate van de bescherming van de ongeboren kinderen en van het gezin in de afgelopen jaren hebben gehad. Typische voorbeelden hiervan zijn:

- Uitspraken en handelingen die ingaan tegen de leer van de Kerk over het intrinsiek slecht zijn van contraceptieve handelingen;2. pater Frederico Lombardi, woordvoerder van de Heilige Stoel, legde daags daarna de woorden van de paus als volgt uit: “het voorbehoedsmiddel of het condoom kan in bijzondere, zwaarwegende gevallen ook voorwerp van een serieuze gewetensonderscheiding zijn. Dat zegt de paus. (P. Lombardi becommentariëert de thema’s die door de paus met de journalisten besproken is, Radio Vaticana, 19 februari 2016).

- Uitspraken en acties die ingaan tegen de leer van de Kerk over de aard van het huwelijk en de intrinsiek slechte handelingen buiten het huwelijksverbond;3.

- De erkenning van duurzame ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties, die met nadruk van de lidstaten voor 2030 de realisering van een wereldwijde toegang tot abortus, tot anticonceptie en seksuele opvoeding eisen.4.

- De aanpak die wat betreft de seksuele opvoeding wordt aangegeven, met name in hoofdstuk 7  van Amoris Laetitia en het programma “The Meeting Point” die door Pauselijke Raad voor het Gezin werd uitgewerkt.5.

Als leiders van Pro Life- en Pro Family bewegingen en van lekenbewegingen ter verdediging en verbreiding van de katholieke morele en sociale leer zijn wij getuigen uit de eerste hand van de schade en de verwarring, die door dergelijke leerstellingen en acties veroorzaakt worden. Om onze verantwoordelijkheid na te komen tegenover hen die wij beloofd hebben te beschermen, met name de ongeboren kinderen en hen die door het uiteenvallen van het gezin bijzonder kwetsbaar zijn, moeten wij ons standpunt in deze kwesties duidelijk uiteenzetten. Wij moeten bovendien hen leiding bieden die zich in onze beweging tot ons wenden om richtlijnen en raad te ontvangen.
Daarom willen wij onze onveranderde gehechtheid aan de fundamentele morele standpunten bekrachtigen. Deze zijn:

- er zijn bepaalde intrinsieke slechte handelingen en het is altijd verboden die daden te stellen;6.
- het direct doden van een onschuldige mens is altijd zwaar immoreel. Daaruit volgt dat abortus, euthanasie en doden op verzoek intrinsiek (in zich) slechte handelingen zijn;7.
- het huwelijks is een exclusieve en onverbrekelijke band tussen een man en een vrouw en alle buitenechtelijke seksuele handelingen en alle vormen van tegennatuurlijke verbindingen zijn intrinsiek (in zich) slecht en zwaar schadelijk voor het individu en voor de samenleving.8.
- echtbreuk is een zware zonde en zij die in echtbreuk leven, kunnen niet tot de sacramenten van de biecht en de heilige communie worden toegelaten, zolang zij geen berouw hebben en hun leven niet veranderen; 9.
- de ouders zijn de eerste belangrijkste opvoeders van hun kinderen en de seksuele opvoeding moet door de ouders gebeuren of onder bepaalde omstandigheden “in de opvoedingscentra die door hen uitgekozen en gecontroleerd worden”; 10.
- het aanbrengen van een scheiding tussen voortplanting en de specifieke seksuele daad door anticonceptie is intrinsiek (in zich) negatief en heeft rampzalige gevolgen voor het gezin, de samenleving en de Kerk; 11.
- de kunstmatige anticonceptiemethodes zijn zwaar immoreel, omdat zij de voortplanting van de seksuele daad losmaken en in de meeste gevallen direct leiden tot het vernietigen van een mensenleven in zijn vroegste stadium; 12.
- er zijn slechts twee geslachten, het mannelijke en het vrouwelijke geslacht. Elk van die twee bezit complementaire eigenschappen en verschillen die het geslacht eigen zijn; 13.
- homoseksuele handelingen zijn in zich slecht en geen enkele vorm van verbintenis tussen personen van hetzelfde geslacht kan op welke wijze dan ook erkend worden; 14.

Als katholieke leiders van de Pro Life- en Pro Familybeweging moeten wij trouw blijven aan onze Heer Jezus Christus, die het depositum fidei (de geloofsschat) aan zijn Kerk heeft toevertrouwd. “Omdat de mens volledige afhankelijk is van God, zijn Schepper en Heer, en omdat het geschapen verstand volledig onderworpen is aan de ongeschapen waarheid, zijn wij verplicht, als God zich openbaart, Hem door het geloof volledige gehoorzaamheid van verstand en wil te betonen.” 15.

Wij houden aan alles vast “wat in het geschreven of overgeleverde Woord van God vervat ligt en de Kerk ons als door God geopenbaard te geloven voorhoudt, - hetzij door een plechtige uitspraak, hetzij door het gewoon en universeel Leergezag." 16.

Wij verklaren dat wij volledig gehoorzaam zijn aan de hiërarchie van de katholieke Kerk in de wettige uitoefening van haar gezag. Niets zal ons ooit kunnen overtuigen of dwingen om een of ander artikel van het katholieke geloof of van de katholieke moraal op te geven of ertegen in te gaan. Als er een conflict bestaat tussen de woorden of de daden van een of ander lid van de hiërarchie, inclusief de paus, en de leer die altijd door de Kerk geleerd is, zullen wij aan de altijd geldige leer van de Kerk trouw blijven. Als we het katholieke geloof zouden opgeven, zouden we ons van Christus losmaken, met wie wij in alle eeuwigheid verbonden willen zijn.
Wij, ondergetekenden, beloven ook in de toekomst de boven geciteerde morele principes te leren en te verdedigen en elke andere authentieke leer van de katholieke Kerk, en dat we ons nooit, om wat voor reden ook, van die leer zullen verwijderen.

12 december 2017
Feest van Onze Lieve Vrouw van Guadeloupe

Dan volgen de handtekeningen van 37 voorzitters en directeuren van Pro Life en Pro Family organisaties uit evenzo vele landen ter wereld

NOTEN

1. Fr. Thomas Weinandy.
2. “Over het ‘mindere kwaad’, het vermijden van zwangerschap, spreken we in termen van een conflict tussen het vijfde en het zesde gebod. Paulus VI, een groot man, stond in een moeilijke situatie in Afrika religieuzen toe contraceptie te gebruiken in geval van verkrachting. Verwar niet het kwaad van het vermijden van zwangerschap met abortus. Abortus is geen theologisch probleem, het is een menselijk probleem, het is een medisch probleem. Je doodt iemand om iemand anders te redden, in het beste geval. Of om fijn te leven, nietwaar? Het is tegen de eed van Hippocrates die dokters moeten afleggen. Het is een kwaad in zichzelf, maar het is aanvankelijk geen godsdienstig kwaad, nee, het is een menselijke kwaad. Uiteraard wordt, zoals ieder menselijk kwaad, elk doden veroordeeld. Anderzijds is het vermijden van zwangerschap geen absoluut kwaad. In bepaalde gevallen, zoals in dit geval, of in het geval van de zalige Paulus VI, dat ik noemde, was het duidelijk. “ Tekst van interview met paus Franciscus op de vlucht van Rome naar Mexico. Pater Lombardi, de woordvoerder van de Heilige Stoel, bevestigde de bedoeling van de paus daags erop: “Het voorbehoedmiddel of condoom kan in speciale gevallen van nood of ernst het voorwerp van onderscheiding zijn in een serieus geweten. Dat heeft de paus gezegd.”
3. “Op het Argentijnse platteland, in het Noordoosten, bestaat een bijgeloof: dat als paren een kind hebben, zij gaan samenwonen. Dat gebeurt op het platteland. Als het kind dan naar school gaat, dan trouwen ze burgerlijk. Een als grootouders trouwen ze dan voor de Kerk. Het is bijgeloof omdat ze zeggen dat een kerkelijk huwelijk de man afschrikt! We moeten daarom tegen dergelijk bijgeloof vechten. Toch werkelijk zeg ik dat ik veel trouw heb gezien bij deze samenwonende paren, een heleboel trouw; en ik ben er zeker van dat dit een echt huwelijk is; zij hebben de genade van het huwelijk, juist vanwege de trouw die ze hebben. Maar er zijn plaatselijke bijgelovige overtuigingen.” Toespraak van paus Franciscus bij de opening van het pastoraal congres van het bisdom Rome, 16 juni 2016. Tijdens dit congres heeft paus Franciscus ook beweerd dat “een grote meerderheid” van de katholieke huwelijken ongeldig zijn.  Het transcript is later op verzoek van de paus veranderd in “een deel”.
4. “Ik ben dankbaar dat de volkeren van de wereld in september 2015 de Duurzame Ontwikkelingsdoelen hebben aangenomen en dat zij in december 2015 het Akkoord van Parijs over de klimaatverandering hebben goedgekeurd”. Dit staat in de Boodschap van de paus voor de viering van de wereldgebedsdag voor het behoud van de schepping op 1 september 2016.
5 “The Meeting Point: project for affective and sexual formation”, Pauselijke Raad voor het Gezin.
6. Paus Johannes Paulus II,  Veritatis Splendor, 6 augustus 1993, nr. 52. Paus Johannes Paulus II, Evangelium Vitae, 25 maart 1995, nr. 67.
7. Paus Johannes Paulus II, Evangelium Vitae, 25 maart 1995, nr. 57.
8. Canones en decreten van 25ste zitting van het Concilie van Trente, gepormulgeerd op 11 november 1563; Paus Leo XIII, Arcanum Divenae, 10 februari 1880; Paus Pius XI, Casti Connubii, 31 december 1930.
9. Paus Johannes Paulus II, Familiaris Consortio, 22 november 1981, nr. 84 ; Congregatie voor de geloofsleer, Brief aan de bisschoppen van de katholieke Kerk aangaande de toelating tot de heilige Communie van de gelovigen die gescheiden en hertrouwd zijn, 4 september 1994; Pauselijk Raad voor de Westteksten, Verklaring betreffende de toelating tot de heilige Communie van de gelovigen die gescheiden zijn en hertrouwd, 24 juni 2000.
10. Paus Piu Xi, DiviniIllius Magistri, 31 december 1929; paus Johannes Paulus II, Familiaris Consortio; Pauselijke Raad voor het Gezin, De Waarheid en de Betekenis van de menselijke seksualiteit, 8 december 1995.
11. Paus Pius XI, Casti Connubii; paus Paulus VI, Humanae Vitae, 25 juli 1968.
12. Congregatie voor de Geloofsleer, Donum Vitae, 22 feruari 1987 ; Congregatie voor de geloofsleer, Dignitatis Personae, 8 september 2008.
13. Paus Benedictus XVI, Kersttoespraak tot de Romeinse Curie, 21 december 2012.
14. Congregatie voor de Geloofsleer, Brief aan de bisscvhoppen van de Katholieke Keer over de pastorale zorg voor homoseksuelen, 1 oktober 1986; Congregatie voor de Geloofsleer, Beschouwingen betreffende voorstellen om wettelijke erkenning te verlenen aan verbintenissen tussen homoseksuelen, 3 juni 2003.
15. Eerste Vaticaans Concilie, Dogmatische Constitutie over het katholieke geloof, h. 3.1.
16. Ibid. h. 3.8.